Go to page content

Transmedia regeling 60 jaar televisie

Uit achttien voorstellen van de publieke omroepen zijn vijf transmediale projecten geselecteerd voor productie. Zij ontvangen elk een bedrag van maximaal € 75.000. Het gaat om ‘Alleman filmt’ (NCRV), ‘Profiel.tv’ (HUMAN), ‘Who’s in Who’s out’ (BNN), ‘SALIGIA 7’ (VPRO) en ‘Spangas Spangotcha’ (NCRV).

Over de Transmedia regeling

Zestig jaar na de introductie staat de televisie nog steeds midden in het Nederlandse medialandschap. Televisie heeft ons de wereld laten zien in talloze onvergetelijke producties. De omvang en veelzijdigheid van dit audiovisuele archief is van grote betekenis voor onze cultuur. In 2011 zal via de publieke televisiekanalen ruim aandacht worden gegeven aan het zestigjarige jubileum. De Nederlandse Publieke Omroep (NPO), het Mediafonds en het Nederlands Instituut voor Beeld en Geluid begonnen in september 2010 deze regeling om een cultureel en vernieuwend transmediaal karakter te geven aan het zestigjarig jubileum van televisie in Nederland.

 

Met een transmediale productie wordt hier bedoeld dat binnen een bepaalde periode via verschillende media (bijvoorbeeld via radio, televisie, mobiele applicatie, een boek of een online spelomgeving) een verhaallijn wordt neergezet met complementaire inhoudelijke en creatieve dwarsverbanden. Enkele voorbeelden van transmediale producties zijn het Britse Smokescreen, het Zweedse The truth about Marika en de Belgische productie Where is Gary.

 

Tot dusver zijn er in Nederland weinig transmediale producties tot stand gekomen en deze experimentele regeling heeft tot doel omroepoverstijgende transmediale producties met artistieke kwaliteit te stimuleren. Indieners werden aangemoedigd om in de productie ook gebruik te maken van de rijke gedigitaliseerde audiovisuele archieven van Beeld en Geluid.

 

Tot 1 april 2011 konden voor deze regeling aanvragen worden ingediend.

 

Criteria

  • Het project is omroepoverstijgend en de aanvraag toont aan dat voldoende medewerking van andere omroepen en eventuele producenten verzekerd is;
  • De artistieke kwaliteit en de originaliteit van het transmediale project moet duidelijk aantoonbaar zijn. Hierbij wordt onder andere gelet op de inhoudelijke visie, het design, de creativiteit, de interactie (met andere media en de gebruiker) en de navigeerbaarheid van het project;
  • Het project levert duidelijk omschreven (technisch en inhoudelijk) eindproducten op;
  • De aanvraag getuigt van kennis en inzicht in het verwachte publieksbereik en de publieksparticipatie;
  • Het project stimuleert dat zoveel mogelijk gebruikte en geproduceerde (open) content en (open source) software publiek beschikbaar is en blijft.

 

Financiën

Er is een totaalbedrag van € 600.000 beschikbaar voor aanvragen door nationale en regionale publieke omroepen. De regeling kan tot 100% van de declarabele kosten vergoeden met een maximum van € 75.000 per project. Hierbij geldt:

  • Vaste kosten (zoals personeel in dienst van de omroep) worden niet vergoed;
  • Kosten voor derden (conceptontwikkeling, ontwerp, programmering, content productie etc.) komen voor vergoeding in aanmerking;
  • Publiciteitskosten worden tot een maximum van 10% van de begroting vergoed;
  • Reis- en verblijfkosten worden tot een maximum van 10% van de begroting vergoed;
  • Bij aanschaf van apparatuur en softwarelicenties die ook voor andere werkzaamheden worden ingezet, wordt een proportioneel deel van de kosten vergoed;
  • Onvoorziene kosten mogen maximaal 5% bedragen;
  • De investering door de omroep (beschikbaar stellen van  redactiecapaciteit, kantoorkosten etc) wordt in de begroting gekwantificeerd.

Van het toegewezen subsidiebedrag wordt 80% bij wijze van voorschot bij aanvang van het project verstrekt. Definitieve vaststelling van de subsidie vindt plaats aan de hand van een inhoudelijk verslag en een financiële afrekening.

 

Aanvragen

  • Aanvragen kunnen worden ingediend door landelijke en regionale publieke omroepen;
  • De aanvragende omroep bespreekt voor indiening van de aanvraag met de NPO de mogelijkheden voor inbedding van het project met andere omroep activiteiten;
  • Over aanvragen wordt binnen een kalendermaand na de betreffende indiendatum een besluit van toekenning of afwijzing genomen;
  • Het project moet uiterlijk 31 december 2011 opgeleverd zijn;
  • Aanvragen zijn uitsluitend digitaal in te dienen via het daarvoor bestemde formulier op www.mediafonds.nl/60jaartv Na ontvangst van de aanvraag wordt een bevestigingsmail gestuurd met een URL om eventueel aanvullend audiovisueel materiaal in te dienen;
  • Alle gehonoreerde projecten worden bij Beeld en Geluid gearchiveerd.
  • Het aanvraagformulier kan samen met de bijlagen (tezamen niet meer dan 7MB) worden gestuurd aan 60jaarTV@mediafonds.nl


Beoordeling en toewijzing
Een onafhankelijke adviescommissie beoordeelt de aanvragen. De commissie bestaat uit vijf experts, waarvan er een is aangewezen door de NPO, een door Beeld en Geluid en drie door het Mediafonds. Het Mediafonds levert bovendien de voorzitter. De commissie kent drie vaste leden: Bert van der Veer (programmamaker en schrijver), Irene Costera Meijer (hoogleraar journalistiek en lector media) en Andra Leurdijk (researcher media en innovatie bij TNO ICT).

Bij de beoordeling worden het plan, de ingediende begroting, het marketingplan en de andere meegestuurde gegevens in samenhang beoordeeld. De subsidie wordt onder de algemene voorwaarden van het Mediafonds verleend (http://www.mediafonds.nl/aanvragen/536/algemene-voorwaarden).

Over de samenwerking
De regeling wordt gefinancierd uit het e-cultuur budget van het Mediafonds en met een bijdrage uit het programmavernieuwing en innovatie budget van de NPO. De NPO wil met de regeling transmediale programmering een duw in de rug geven en daarmee nieuwe publieksgroepen bereiken. Het Mediafonds beoogt artistieke en innovatieve transmediale producties door de publieke omroep te stimuleren. Het Nederlands Instituut voor Beeld en Geluid streeft naar optimaal en vernieuwend gebruik van de audiovisuele content uit de rijke historie. Beeld en Geluid investeert in deze regeling door het beschikbaar stellen van beheerde archieven en door middel van expertise en research capaciteit.